Het verhaal van Martijn Smulders

“Morgen terugkomen, bal eraf. Dat komt binnen.”

“Ik had eigenlijk nergens last van. Sterker nog, afgelopen 16 juni liep ik op vaderdag de halve marathon in Amersfoort. ’s Avonds merkte ik dat mijn linkerbal harder aanvoelde dan de rechter. Ik besloot op huisarts.nl te zoeken en zag meteen: hier moet ik iets mee. De volgende ochtend kon ik bij de huisarts terecht en die verwees me direct door naar de echoscopist in het ziekenhuis. Ik kon ’s middags al terecht. Dan weet je dat het mis is.”

Productmanager Martijn Smulders uit Arnhem is 36 jaar en getrouwd met Eveline. Samen hebben ze twee zoons van 4 en 6 jaar. “Ik dacht niet meteen aan zaadbalkanker. Maar toen de echoscopist na een paar minuten zei dat hij wat telefoontjes moest plegen, wist ik dat het niet goed zat. Voor mijn gevoel bleef hij een lange tijd weg. Dan gaat er van alles door je hoofd. Toen hij terugkwam gaf de echoscopist aan dat ik de volgende dag nuchter in het ziekenhuis moest verschijnen voor onderzoeken en dat de mogelijkheid bestond dat ze mijn bal zouden verwijderen. Ze draaiden er niet omheen, dat vond ik persoonlijk wel prettig.”


Googelen
Het woord kanker was toen nog niet uitgesproken, maar Martijn reed met een hoofd vol informatie naar huis. “Het Googelen heb ik bewust beperkt gehouden. Alleen op de website van mijn ziekenhuis heb ik gezocht op ‘balaandoening’ en zo stuitte ik de brochure operatie zaadbalkanker. Ik was dus enigszins voorbereid op wat me te wachten stond.”


Rollercoaster
“Dinsdagochtend begon met een afspraak bij de uroloog”, vertelt Martijn. “Toen hij zei dat er een sterk vermoeden was van zaadbalkanker, sloeg de eerste bom in. Als je als leek het woord kanker hoort in combinatie met het woord levensverwachting, dan schrik je. Ook al is de levensverwachting positief. De arts wilde direct opereren in verband met de risico’s. Er volgden bloedonderzoeken en een CT-scan. Daarna werd ik opgeroepen voor een MRI. Het was een rollercoaster. Eveline, die gelukkig de hele dag bij me was, heeft naaste familie gebeld. Dan komt er besef en komen de emoties los. Tussen de onderzoeken door kwamen grote gespreksonderwerpen aan bod. We zijn twee jaar geleden verhuisd. Dan denk je na over hoe je je gezin achterlaat bij overlijden. Nu waren we vooral blij dat we dat soort dingen goed hadden geregeld. En dat onze kinderwens al vervuld was.”


Zelfbescherming
“Gelukkig waren de resultaten van het bloedonderzoek vrij snel bekend en ging ik met een soort van opgelucht gevoel onder zeil: de waarden waren goed en op de CT waren geen uitzaaiingen te zien. Omdat ik pas in de avond geopereerd werd, bleef ik een nacht in het ziekenhuis. De volgende ochtend voelde ik me goed en mocht ik na het gesprek met de uroloog al naar huis om te herstellen. Tot twee weken na de operatie heb ik gedacht dat het geen kanker zou zijn. Zelfbescherming misschien, je wilt het niet geloven. Maar toen het weefsel was onderzocht en het daadwerkelijk kanker bleek te zijn geweest, toen kwam de boodschap nog een keer binnen.”


Ik check eigenlijk nooit, nu wel
“Ja, ik ben er heel open over. Ook naar vrienden en collega’s toe. Ik heb iedereen voordat ik ze weer zou treffen een appje of mail gestuurd. Want voor sommigen kan de schok anders heel groot zijn. Ik noem de dingen zoals ze zijn en daar wordt goed op gereageerd. Veel mensen weten niets van zaadbalkanker, schamen zich of durven niet over het onderwerp te praten. In de vriendengroep kwam het ook als schok binnen. Maar gelukkig is er wel over gepraat en zeiden de meesten: ik check het eigenlijk nooit, maar nu wel.”


Meer bekendheid
Nu kijken Martijn en Eveline terug op een periode die veel impact heeft gehad. “Een periode van bewustwording. Je beseft des te meer dat je moet genieten. Niet dat we dat hiervoor niet deden hoor, maar je doet dingen wel bewuster. We gaan niet opeens vaker op vakantie, maar je wacht ook niet meer met alles. En je geniet intenser nu je weet dat het zomaar voorbij kan zijn. We zijn ook blij dat we in Nederland wonen. Voor zorg ben je hier in goede handen. Ik had wel graag eerder op de stichting gewezen willen worden. Die ontdekte ik pas een week na de operatie. Ook nu ik geen kanker meer heb, heb ik veel aan de ervaringsverhalen van anderen. Het zou mooi zijn als er meer geld vrijkomt voor een stichtingen als deze, zodat ze bijvoorbeeld een marketingcampagne kunnen opzetten om zaadbalkanker en het regelmatig checken van je zaadballen onder de aandacht te brengen bij een groter publiek.”