Zorg van de toekomst:

AI als beslissings­hulp bij risicovolle operaties

Oncologisch uroloog Peter-Paul Willemse en medisch oncoloog Britt Suelmann werken in het UMC Utrecht aan een vernieuwend onderzoeksproject. Zij willen kunstmatige intelligentie als hulpmiddel gebruiken binnen het zorgtraject van zaadbalkankerpatiënten. Het doel is: een AI-model laten voorspellen of restweefsel na chemotherapie nog kankercellen bevat, of juist niet.

Als het AI-model na alle toetsingen betrouwbaar blijkt, kan een deel van de patiënten een risicovolle operatie na chemotherapie bespaard blijven. Peter-Paul en Britt bouwen in het UMC Utrecht, in samenwerking met het Antoni van Leeuwenhoek en later ook andere expertisecentra, aan een landelijk toepasbaar model.

Waarom zijn jullie dit project gestart?

Peter-Paul: “Bij een deel van de patiënten met zaadbalkanker zijn na de chemotherapie restlaesies zichtbaar op de CT-scan. Maar in de helft van de gevallen blijkt tijdens de operatie dat wat we op de CT-scan zagen, geen vitale tumorcellen zijn, maar necrose is. Afgestorven kankercellen dus. Die groep mensen opereren we onnodig. Terwijl het een ingrijpende operatie is, met risico op complicaties en een lange hersteltijd. We wilden onderzoeken of we met behulp van een AI-model beter kunnen voorspellen wanneer een operatie echt nodig is.”

Wat maakt die operaties zo zwaar?

Peter-Paul: “De uitzaaiingen zitten bij de meeste zaadbalkankerpatiënten in de lymfeklieren achter in de buikholte, vlak bij grote bloedvaten zoals de buikslagader (aorta) en de grote buikader. Soms zitten de tumorcellen zelfs ingegroeid in de niervaten of darmen. In een deel van de gevallen is een kijkoperatie niet mogelijk en moeten we de buik helemaal openmaken.

Patiënten lopen risico op wondinfecties, bloedingen, vochtophopingen in de buik of benen, verlies van nierfunctie of longklachten. Deze klachten kunnen blijvend zijn. Omdat hun conditie vaak al is aangetast door de chemotherapie, willen we extra voorzichtig zijn. Dus als we onnodige operaties kunnen voorkomen, dan betekent dat minder belasting voor de patiënt.”

“Het zal dus stap voor stap gaan, met patiëntveiligheid voorop”

Hoe werkt het AI-model dat jullie gebruiken?

Britt: “We trainen het model door het aan te leren wat normaal weefsel is en wat niet-normaal weefsel is. Daarvoor gebruiken we zo'n 500 scans van eerdere zaalbalkankerpatiënten van de afgelopen 10 jaar. Zo leert het model herkennen welk weefsel op de scan bind- of littekenweefsel is, en wat mogelijk actieve tumorcellen zijn.”

Wanneer verwachten jullie dat het model in de praktijk gebruikt kan worden?

Britt: “Op dit moment zijn we nog bezig met het trainen van het AI-model. Daarna moeten we het nog twee jaar valideren. Dat doen we door het model te toetsen bij patiënten die gedurende die jaren in het UMCU of AVL behandeld worden. In die periode blijven we alle patiënten opereren, ook als het model aangeeft dat er geen vitale tumorcellen zijn. Zo kunnen we controleren hoe betrouwbaar de adviezen zijn. We zullen immers volledig zeker moeten zijn of we de operatie achterwege kunnen laten. Zaadbalkankerpatiënten zullen de komende tijd dus nog weinig merken van de ontwikkelingen, behalve dat we hen vragen om toestemming voor het gebruiken van hun data voor het onderzoek.”

En kan het model daarna direct in de praktijk worden gebruikt?

Peter-Paul: “Dat is helaas nog een volgende stap. Als de resultaten van de validatie goed zijn, willen we het model eerst in de praktijk inzetten als aanvullend hulpmiddel. Dat betekent dat we bij een selecte groep patiënten, van wie het model voorspelt dat een operatie waarschijnlijk niet nodig is, de operatie achterwege laten en hen intensief blijven volgen met beeldvorming. Pas als we zeker weten dat dit veilig is en we geen vitale tumoren missen, kan het model echt onderdeel worden van een richtlijn. Het zal dus stap voor stap gaan, met patiëntveiligheid voorop.”

“En we doen het voor de patiënten: als we risico’s kunnen beperken zonder in te leveren op zorg, moeten we dat proberen.”

Hebben patiënten straks ook zelf inspraak in de keuze of ze wel of niet geopereerd worden?

Britt: “Zeker. Shared decision making is nu al standaard bij ons. De uiteindelijke beslissing maken we altijd samen met de patiënt en hun naasten. Het AI-model biedt straks wel extra informatie, waardoor we nog betere adviezen kunnen geven. Als de risico’s van een operatie hoog zijn en het model zegt: waarschijnlijk is het bind- of littekenweefsel, dan kunnen we in overleg kiezen voor afwachten met controle CT-scans.”

Tot slot: wat maakt dit project voor jullie bijzonder?

Britt: “Het is echt een teaminspanning. We zijn een uro-oncologisch team van experts met promovendi met klinische kennis, IT-specialisten en AI-ontwikkelaars. Alleen zó kun je zoiets complex van de grond krijgen. En we doen het voor de patiënten: als we risico’s kunnen beperken zonder in te leveren op zorg, moeten we dat proberen.”

Wil jij ook je verhaal delen?

Neem contact met ons op.

Deel dit artikel

Donateur worden? Meld je hier aan!

Wil jij ook je verhaal delen?

Neem contact met ons op.

Deel dit artikel

Donateur worden? Meld je hier aan!