Peter-Paul is in mei 2005 na een schoolexcursie met de trein onderweg naar huis als hij merkt dat hij niet lekker zit. De oorzaak: zijn rechterbal is vergroot. Zijn (inmiddels ex-)vrouw is huisarts en spoort hem aan bij de weekenddokter langs te gaan. “En zo zat ik ineens bij de uroloog in Leiden. Nog voordat hij zijn echoapparaat had aangezet, kon hij me eigenlijk al vertellen dat het zaadbalkanker was.”
Controle
Voor de zekerheid maakt de uroloog alsnog een echo. “Maar de diagnose bleef hetzelfde. De maandag erop werd één van mijn zaadballen verwijderd. Het bleek om een non-seminoom te gaan. Ze vonden één uitzaaiing, maar die was nog heel klein en moeilijk detecteerbaar. Uiteindelijk viel ik onder een wait-and-see-beleid en moest ik maandelijks tumormarkers prikken.”
Steriliseren met korting
“In september 2006 werd mijn zoon geboren. Het was op natuurlijke wijze gelukt, dus het zaad dat ik uit voorzorg had ingevroren was uiteindelijk niet nodig. Omdat we inmiddels drie kinderen hadden, besloot ik me te laten steriliseren. Ik vroeg de uroloog nog lachend of ik korting kreeg omdat hij maar één bal hoefde te behandelen. Er hing een goede sfeer en ik had een fijn contact met mijn arts.”

“Precies nu ik eens minder zenuwachtig was, kreeg ik slecht nieuws”
Stilte voor de storm
Peter-Paul en zijn vrouw staan na de ingreep al in de deuropening om naar huis te gaan als hij zich bedenkt dat de uitslagen van zijn laatste bloedonderzoek ook wel binnen zullen zijn. “Toen werd het ineens heel stil. Mijn bèta-HCG was enorm gestegen. Foute boel. Ik zag altijd tegen de controles op, en juist nu ik een keer minder zenuwachtig was, kreeg ik slecht nieuws.”
Blijvende zenuwpijn
Drie BEP-kuren volgen. “Daar ben ik helaas niet zonder kleerscheuren vanaf gekomen. Tijdens de chemotherapie kreeg ik een longembolie. Ik had al lichte aanleg voor trombose en heb daar ook een zogenaamd trombosebeen aan overgehouden. Trombose is letterlijk oud-Grieks voor: bloedprop. Doordat je niet makkelijk gewoon beweegt, maar veel stil ligt in bed, is de kans groot dat er bloedklontjes ontstaan in je bloedvaten. Bij mij waren ze laat met bloedverdunners toedienen. Het gevolg was dus dat er meerdere bloedpropjes in de bloedvaten van mijn linkerbeen zaten. Eén ader is afgesloten, waardoor vocht in mijn been achterbleef, terwijl dat normaal ‘opgeruimd’ wordt.
Tot overmaat van ramp zijn die propjes ook nog gaan zwerven. Dan heet het longembolie. De propjes kunnen dus delen van je hart en longen verstoppen. Ik had ook nog de pech dat er in mijn familie aanleg voor trombose voorkomt. Mijn bloed klontert dus sneller. Let dus allemaal goed op dat je op tijd met bloedverdunners begint."
Pijnbehandeling
“Voor de pijn slik ik pregabaline en word ik sinds vorig jaar behandeld op de pijnpoli van het LUMC. Ongeveer elk kwartaal krijg ik daar een behandeling met Qutenza-pleisters. De uiteinden van de zenuwen zijn door de cisplatine aangetast. Dat heet polineuropathie. Dat proces is progressief, dus het wordt nooit minder. In de pleisters zit een hoge concentratie capsaïcine, de natuurlijke stof die hete pepers hun branderige gevoel geven. Die pleisters verdoven mijn zenuwuiteinden tijdelijk. Ik heb er vooral last van in mijn linkerarm. Zelf denk ik dat dat komt doordat ik er tijdens de chemotherapie voor koos het infuus steeds in die arm te krijgen. De ene arts vond dat onwaarschijnlijk, omdat de chemo door je hele lichaam gaat. Een andere arts dacht dat het juist wel mogelijk was. Een duidelijk antwoord heb ik daar nooit op gekregen.”

“Ik worstelde met de vraag waarom mij dit was overkomen”
Zware periode
Alsof dit alles nog niet heftig genoeg is, krijgt Peter-Paul vijftien jaar later een hartinfarct. “Zelf vermoed ik dat mijn eerdere chemotherapie en aanleg voor trombose daarbij een rol hebben gespeeld, maar dat is nooit nauwkeurig onderzocht. Rond diezelfde periode verloor ik mijn vader en ben ik gescheiden van mijn vrouw. Dat was een zware tijd.”
Een litteken dat bij me hoort
“Al tijdens mijn ziekte ging ik op eigen initiatief naar een cognitief gedragstherapeut. Ik worstelde met de vraag waarom mij dit was overkomen. Waarom had ik als enige van de klas een onvoldoende gekregen? Die psycholoog heeft me enorm geholpen om alles een plek te geven. Inmiddels zie ik het als een litteken dat bij me hoort. Ik hoef er niet voortdurend mee te koop te lopen, maar ik ben er wel open over.”
Het taboe doorbreken
“Ik werk als docent op een middelbare school. Als ik leerlingen met kanker hoor schelden, kan ik echt uit mijn slof schieten. Wanneer ik dan vertel dat ze mij daarmee kwetsen, wordt het meestal meteen stil. Tegelijk probeer ik het onderwerp met humor bespreekbaar te maken. Elke maand, als de sirene gaat, gebruik ik het Ballenalarm om jongens eraan te herinneren hun ballen te controleren. In het begin wordt daar natuurlijk om gelachen. Maar ik vind het belangrijk dat ze weten waarom ik het zeg.”

Amor Fati betekent 'Liefde voor je lot'. Aanvaarden is beter dan erover jammeren. (De tatoeage is met henna).
“Je kunt je jarenlang prima voelen en ineens alsnog tegen een muur aanlopen”
Openheid en voldoening
De openheid van Peter-Paul levert veel moois op. “Leerlingen vertellen me later dat ze het fijn vinden dat we samen kunnen lachen, maar ook serieuze gesprekken kunnen voeren. Ik houd me veel bezig met de filosofie van de stoïcijnen. Die heeft me geholpen om anders met moeilijke gebeurtenissen om te gaan. Ik heb er zelfs een hoofdstuk over mogen schrijven in een Grieks lesboek. Ook met leerlingen praat ik over hoe je met stress en tegenslagen kunt omgaan. Het geeft me veel voldoening om anderen daarmee te helpen.”
